Tijdens de algemene vergadering en tijdens de informatiesessies die we vooraf organiseren krijgen we heel wat vragen van betrokken coöperanten. U vindt ze allemaal terug op deze pagina.

cornerDubbel
cornerDubbel

Vragen zonder (*) zijn van dit jaar of kregen in 2021 een geactualiseerd antwoord.
Vragen met (*) zijn vragen van de algemene vergadering van vorig jaar.

We zijn nog volop bezig met de verwerking van de inhoudelijke vragen van de afgelopen algemene vergadering, we mikken op 23/4 om ze allemaal online te zetten! De financiële vragen staan er wel al allemaal op.

De vragen zijn onderverdeeld in volgende categorieën:


Pellets en briketten

Als we kijken naar het energieverbruik bij huishoudens, gaat slechts een klein deel naar elektriciteit. Een veel groter aandeel gaat naar transport en verwarming. In het debat over groene energie wil Ecopower inzetten op deze warmtevraag. De keuze voor de pelletfabriek is overigens na ruim debat in de algemene vergadering gemaakt. Het is een element in de transitie naar 100% hernieuwbare energie. Niet voor overal, eerder in het buitengebied, als alternatief voor stookolie, steenkool of houtverbranding. Een pelletketel is een optie om met hernieuwbare energie te verwarmen. Meer informatie en veelgestelde vragen vindt u in ons pelletdossier.

Op het moment van de ontwikkeling van het project was de prijs van pellets hoger en was er een positief businessmodel. Nadien zijn de prijzen omlaaggegaan. We hadden ook verwacht om meer rechtstreeks aan eindklanten te kunnen verkopen.  Nu verkopen we vooral aan handelaars en dat loopt ondertussen goed. In de loop van 2019 is de verkoopprijs gestegen, in heel de markt. Dat wordt doorgezet voor heel 2020.. Het doel voor de pelletfabriek voor 2020 is om operationeel break-even te draaien. Met lagere prijzen voor aankoop van bronmateriaal en hoger volume van productie komt de fabriek uit de rode cijfers.

Ecopower ziet de pelletfabriek als zuivere biomassa, een alternatief voor steenkool, aardolie enz. Het is een kleine fabriek, gericht op huishoudelijke verwarming, waarbij de biomassa maximaal nuttig wordt gebruikt. Houtpellets voor elektriciteitsproductie vinden we niet te verantwoorden. Op CO2-reductie scoort de pelletfabriek bijzonder goed. In 2019 vermeden we met alle installaties van Ecopower 65.000 ton CO2. Daarvan is ruim 28.000 ton toe te wijzen aan de pelletsproductie. 1 kWh uit pellets geeft 22,5 gram CO2-uitstoot. In dat getal zit ook alle transport, productie enz. Ter vergelijking: voor 1 kWh uit windenergie is dat 11 gram CO2 en 1 kWh uit zonne-energie geeft 45 gram CO2-uitstoot.

De uitstoot van fijn stof is een heikel punt. In sommige studies krijgen houtpellets dezelfde uitstoot toegewezen als gewone houtverbranding. Dat is niet correct. Houtpellets zijn een genormeerde brandstof die in een genormeerde ketel of kachel gaat. Het resultaat is een heel zuivere verbranding. Als deze installatie aangevuld wordt met een fijnstoffilter, is er op de uitstoot niets meer aan te merken.

Zonder omhulsel van de pallet, valt het uit elkaar en worden de briketten nat. Het voordeel is dan verloren. Alternatieven met papier of karton zijn ecologisch veel nadeliger: een grote energiekost om te maken en veel waterverbruik. Een systeem met bigbags zou financieel een serieuze meerkost zijn en is ook maar voor sommige mensen aanvaardbaar. Ecopower heeft hier over gedacht, maar (nog) geen betere oplossing gevonden.

De fabriek is heel klein in vergelijking met de houtmarkt. Alle bossen in België en de buurlanden voldoen aan de normen van duurzaam bosbeheer. Standaard gebruikt de fabriek de toppen van de bomen die dienen voor constructiehout. Dat deel is niet interessant voor de zagerijen. Dat kan vlot geleverd worden uit de buurt (< 150 km). Afgelopen jaar is er wat veranderd door de komst van een kever, de letterzetter, die bomen ziek maakt waardoor ze afsterven. Nu is er een aanbod van aangetast hout. De aangetaste bomen moeten gekapt worden en zijn niet geschikt voor de zagerijen. Niet alleen is de prijs lager, het is ook interessant omdat het hout droger is.

Mensen met stookolieketels zijn een doelgroep voor pelletketels. Door een daling van de prijzen is er dus weinig stimulans om over te schakelen. Maar de hoeveelheid mensen die nu al houtpellets kopen, volstaat voor onze kleine fabriek.

Dat doen we niet omdat de kosten die gepaard gaan met ecocheques hoog zijn.

In 2021 zal de prijs van de pellets dalen.

In andere landen en Wallonië zien we wel ondersteuning voor pelletverwarming. In Vlaanderen verwachten we hiervoor geen ondersteuning, gelet op de kritische houding tegenover houtverbranding van de Vlaamse milieumaatschappij. Een ondersteuning voor fijnstoffilters - bij nieuwe, moderne installaties - is misschien een optie die er wel kan komen.

De marktprijzen voorspellen is moeilijk op langere termijn. Wellicht zal de nieuwe, lagere prijs nog even blijven. We hebben de voorraad laag gewaardeerd zodat als die verkocht wordt, er winst uit komt voor 2021.

De inkoopprijs van hout voor de pelletproductie evolueerde eerder in een dalende tendens. Dit komt vooral door een schorskever, de letterzetter, die de bomen aantast. Daardoor sterven ze rechtopstaand en moeten ze snel gekapt worden.


Financieel

Het belangrijkste is dat Ecopower volledig verder werkt. Grotendeels van thuis uit, met een beperkte bezetting op kantoor. In de pelletsfabriek is er ruim voldoende afstand tussen de operatoren om verder te werken. We onderscheiden een mogelijke impact op vijf vlakken:

  • De ontwikkeling van windprojecten en zonneprojecten loopt gewoon door, voor de zonne-installaties kan er wel vertraging zijn omdat scholen en overheden minder bereikbaar zijn.
  • De marktprijs van de elektriciteit was laag in 2020. Hier is corona slechts een van de invloeden. Die marktprijs heeft voor 2020 beperkt invloed op Ecopower. Het grootste deel van onze elektriciteit is vastgelegd aan een vaste prijs, vóór de coronacrisis. Voor 2021 is de prijs van Ecopower omlaag gegaan en de marktprijs is eerder gestegen. De klanten zijn gebleven. We proberen een stabiele prijs te behouden en volgen niet de bokkensprongen van de markt.
  • Er is geen groot effect van wanbetalingen bij klanten. Algemeen hebben we heel trouwe klanten. Als er toch wanbetalers zijn, hebben we een goede opvang met afbetaalplannen. Voor klanten waarvoor wij geen oplossing vinden, werken we met MyTrustO. Dat is geen klassiek incassobureaus. Ze kijken naar het geheel van de problemen bij mensen in moeilijkheden en zorgen ervoor dat de kosten niet oplopen, zodat er geen negatieve spiraal is.
  • Wat de pellets betreft, zien we lagere marktprijzen door lagere energieprijzen. Ook de prijs van bronmateriaal is gedaald.
  • Er is een risico op negatieve interesten omdat Ecopower veel cash heeft. De komende investeringen kunnen ons hierbij helpen.

De inschatting is dat er effecten zijn, maar dat ze niet zo heel groot zijn. Zeker als we dat vergelijken met de reserve die we dit jaar aanvullen. 

Dat tekent zich niet meteen duidelijk af in het elektriciteitsverbruik van onze klanten. Veel afrekeningen over 2020 komen pas in 2021. Bovendien is onze inschatting dat dit vooral een groot verschil maakt op de warmtefactuur van mensen die veel thuis werken.

Het bestuursorgaan vindt dat er een vergoeding kan zijn voor het geïnvesteerde kapitaal. Mensen stappen in met verschillende motieven. Een redelijke opbrengst is een motief voor sommige coöperanten.

Voorlopig is de natuurlijke aangroei van kapitaal voldoende om alle projecten te financieren. We hadden eind 2020 16 miljoen euro klaar staan voor de komende investeringen. Waar nodig zullen we een lening nemen, die op enkele jaren kan ingevuld worden met kapitaal. Als we straks toch heel veel en/of grote projecten kunnen realiseren, is een oproep voor extra kapitaal een mogelijkheid. We hebben in feite nog nooit actief campagne gevoerd om kapitaal. Uit enquêtes blijkt hier nog veel potentieel te zijn. Er is ook de mogelijkheid om gebruik te maken van de Europese samenwerking tussen hernieuwbare-energiecoöperaties.

Het gaat over een deel van de zichtrekening die op een specifieke rekening staat die opzegbaar is op een maand tijd. Ruim tijd genoeg voor onze investeringen. Het is als voorbereiding om te vermijden dat er negatieve interesten zouden aangerekend worden. Het gaat dus over een kortetermijnrekening waarop we voor een termijn van maximaal 30 dagen kapitaal parkeren. Dit zijn geen risicobeleggingen.

 Als er subsidies toegekend worden voor installaties die afgeschreven worden (over verschillende jaren in kosten genomen), dan zullen die subsidies over dezelfde periode in opbrengst genomen worden. Dat komt op de rubriek 75.

Er is een financiële opbrengst van 181.000 euro. Dat is grotendeels het jaarlijks in winst nemen van een deel van de subsidie die we ontvangen voor projecten. Subsidies volgen mee de afschrijving van de projecten.

De investeringen staan los van aan het aantal klanten. Ecopower was inderdaad minder concurrentieel het afgelopen jaar tegenover elektriciteitscontracten met een variabele prijs. Begin 2021 voerden we een prijsdaling door en werden die variabele contracten duurder. Onze prijspositie is weer veel gunstiger.

Er is inderdaad voldoende kapitaal beschikbaar om grote investeringen aan te gaan. Daar ligt ook de absolute prioriteit van Ecopower en het intussen 15-koppige projectteam. Voorstellen van de coöperanten voor zonneprojecten met coöperatieve derdepartijfinanciering of concrete mogelijkheden voor windprojecten zijn altijd welkom!

Dit bestaat voor een klein deel uit licenties, het grootse deel zijn certificaten.

Ja, dat kan inderdaad. We deden dit al in het verleden en sluiten dit ook niet uit voor toekomstige projecten, al is er ook veel eigen kapitaal beschikbaar. Coöperanten laten investeren is ons eerste doel. We hebben dus meer investeringsprojecten nodig.

Voor elk nieuw project wordt een rendementsanalyse gedaan. Er zijn geen cijfers per energievorm. We investeren enkel in een project als het kan bijdragen aan het rendement. Van de bestaande projecten dragen de windturbines het meeste bij aan het resultaat. De pelletfabriek draagt nog niet bij.

Het grootste deel van de investeringen in onder de noemer ‘werking’ (zo’n 500.000 euro in 2020) is gerelateerd aan het ICT-project. Dat is voor de helft in 2020 gestart, met onder andere alles gerelateerd aan de pelletsfabriek. De andere helft is werk in ontwikkeling en zal pas in 2021 starten. Deze kosten worden over vijf jaar afgeschreven.

Voor Ecopower is de hoofdactiviteit het investeren in hernieuwbare energie. De levering van elektriciteit is in feite de nevenactiviteit. Het is een service aan onze coöperanten, waarmee ze hun eigen opgewekte elektriciteit kunnen thuis gebruiken.

De pellets- en brikettenfabriek, waterkracht, biomassa worden niet als nevenactiviteiten gezien en hebben geen invloed op de prijs van de elektriciteit. Elektriciteitslevering is en blijft kostendekkend. Er zijn twee spanningsvelden:

  1. De prijs die gebruikt wordt om het gedeelte elektriciteit vast te leggen tussen productie en verbruik. Hoe hoger die prijs, hoe gunstiger voor de projecten, hoe lager, hoe gunstiger voor de elektriciteitslevering. We kiezen een moment om vast te leggen en nemen dan de actuele marktprijs. Als die marktprijs daarna daalt, dan is ons voorstel net iets minder gunstig, als die marktprijs stijgt, dan is ons voorstel net heel gunstig.
  2. Ecopower heeft een vaste prijs per kWh en we houden de prijs – als het kan – gelijk over het jaar. De bedoeling is dat de klant heel goed zijn kosten kan narekenen en gemotiveerd is om minder te verbruiken.

Stel dat we enkel elektriciteit zouden leveren, dan zouden we die kopen en we zouden ze kostendekkend verkopen. De prijs zou dezelfde zijn als nu en de winst van het bedrijf nul (gemiddeld over de jaren). Stel dat we enkel projecten zouden doen, dan zouden we de elektriciteit van de projecten aan dezelfde prijs verkopen (weliswaar aan een derde partij). Het resultaat van het bedrijf zou hetzelfde zijn als nu.

Eventuele bezorgdheid om verlieslatende 'nevenactiviteiten' slaat enkel op de pelletsfabriek. De andere elementen hebben geen negatieve invloed op de jaarrekening. Een overgrote meerderheid van de algemene vergadering heeft die keuze goedgekeurd. Het wordt niet beschouwd als een nevenactiviteit. Het speelt in op een belangrijke omzetting van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare energie. Zonder dat we pretenderen dat dit de unieke oplossing is. We proberen in de komende jaren ook in te zetten op warmtenetten op basis van recuperatiewarmte. Ook dat is een risico, maar we proberen dat zo beperkt mogelijk te houden.

Die procedure is nog helemaal niet afgelopen. Veiligheidshalve is het volledige bedrag in kost genomen in 2018.

Er wordt gewerkt met een wekelijkse facturatie en een waarborg. Dat biedt garanties tegen een herhaling van dit scenario.

Er waren drie lopende leningen voor de windprojecten van Asse, Beersel en Houyet. Twee van die leningen zijn volledig afgelost in 2019, één loopt af in de komende maanden.

De lengte van die leningstermijnen zijn gemodelleerd op de natuurlijke instroom van kapitaal en de bijkomende investeringen. Er is ongeveer 2 miljoen euro kapitaal bijgekomen en ongeveer 2 miljoen euro lening afgelost.

We zijn sterk in het ondersteunen van coöperanten. We kunnen goede afbetalingsplannen afspreken. Ecopower is daar nu al sterk in en financieel sterk genoeg.

Kwijtschelden van betalingen ligt moeilijker. Immers: op welke basis? Er zijn ook stemmen die vinden dat we geen liefdadigheid moeten organiseren. De boodschap van een sociale houding naar de zwaksten in de samenleving is gehoord in de infosessies en het is aan het bestuursorgaan om hier verstandig mee om te gaan. Dat kan met de voorziene reserves.


Windprojecten

Er lopen heel wat vergunningsdossiers. Op onze projectpagina vindt u alle informatie over lopende projecten en hun status. Er zijn ook projecten die nog te pril zijn om over te communiceren, omdat er anders kapers op de kust komen. Dat is niet zoals we het zouden willen. Liever betrekken we de bevolking van in het begin, maar nu moeten we noodgedwongen naar de mensen met een project dat al verregaand vorm heeft. (Zie beroepsprocedures)

Jammer genoeg krijgt bijna elke vergunningsaanvraag voor windturbines te maken met een beroepsprocedure.

Er is een beweging die zich organiseert, van mensen die tegen windprojecten zijn. Dat is zowel in Vlaanderen als in andere landen.

Ons model waarbij de buurt eigenaar wordt van de windturbine zorgt ook voor ondersteuning van de projecten.   

In het ideale geval wordt de communicatie goed op voorhand georganiseerd. Eeklo is een droomvoorbeeld. Hier hebben we geen beroepsprocedures gekend. Die ideale communicatie kan niet meer omdat andere projectontwikkelaars dan gronden in de buurt onder contract brengen en het project overnemen.

Een verbetering is wel dat er nu één omgevingsvergunning moet worden aangevraagd, in plaats van een milieu- én een bouwvergunning. De procedure is steeds zwaarder geworden, de prijs voor het ontwikkelen van een project wordt steeds hoger.

Voor elk windturbineproject worden grondige studies gedaan. De milieu-impact zit daar bij. Het zijn die grondige studies die bepalen of bomen kappen te verantwoorden is of niet.

Als het om een kwetsbare zone gaat, zal compensatie moeilijker te realiseren zijn. Soms kan een open ruimte in een bos kappen, tot een ecologische meerwaarde leiden. Het zijn ook geen hectaren bos die gekapt worden, maar eerder kleinere plekken. In elk geval moet elke gekapte boom gecompenseerd worden op een andere locatie. Voor een project op industrieterrein is de kans op een positieve beoordeling – dat het kappen van bomen met compensatie te verantwoorden is – eerder groot.

We hebben momenteel 7 MW aan zonnepanelen. Dat is een derde van de investering in windturbines en het is dus zeker geen kleine investering. We investeren als er voldoende rendabiliteit is: de wetgever veranderde de regels en creëerde een negatieve sfeer, wat voor onzekerheid zorgt. Het investeren in windturbines duurt inderdaad lang maar de rendabiliteit ligt hoger. Toch willen we in 2021 zeker verder inzetten op zonnepanelen.

Het idee om nabij een wijk een kleinere buurtwindturbines te zetten, valt niet uit te sluiten, maar is bijzonder moeilijk. Vooral meer in het binnenland, omdat er weinig wind is. Ook daar zal er rekening moeten gehouden worden met geluid en schaduw. Zo een project vergt wellicht evenveel tijdsinvestering als een grotere windturbine. De eerste mogelijkheden zijn wellicht op plaatsen waar er veel verbruik is, bv. dicht bij een landbouwbedrijf.

Ecopower onderzoekt de mogelijkheid om deel te nemen aan de aanbesteding van volgend jaar voor het bouwen van windturbines op zee. Omdat dit grotere projecten zijn waar veel kapitaal nodig is en nogal wat risico, zal hiervoor samengewerkt worden met andere partners; alvast met andere hernieuwbare-energiecoöperaties in Vlaanderen en Europa.

In principe hebben windturbines een levensduur van 20 jaar. Ook de vergunningen waren vroeger voor 20 jaar. Sommige windturbines zullen mogelijk vroeger vervangen worden door grotere installaties, andere – zoals onze eerste windturbines in Eeklo – krijgen een verlenging van de vergunning en kunnen nog een aantal jaren extra draaien – zolang ze technisch in orde zijn.

Tot op heden geeft de jaarproductie van Eeklo een vrij goed beeld voor de windproductie van alle windparken. We hebben uiteraard ook andere meerjarige relevante gegevens die dezelfde tendens aangeven. Vanaf 2021 wordt een andere referentie gebruikt omdat de eerste turbines uit gebruik worden genomen.

Elk vergunbaar en rendabel windproject willen wij graag onderzoeken. In de praktijk is de ontwikkeling van verticale-as-turbines (waaronder spiraalturbines) trager dan de bekendere horizontale-as-turbines. De vermogens zijn op dit moment dikwijls kleiner en het rendement lager.

In Oost-Vlaanderen investeert Ecopower volop. Net nog in de bijkomende windturbine in Eeklo. In West-Vlaanderen heeft Ecopower een turbine in Gistel. Met de strenge vergunningsregels is het daar niet evident om bijkomende investeringen te doen in wind.

De oude turbines in Eeklo worden afgebroken en verkocht om ze te herstellen en elders op te bouwen. Wij ontwikkelen een nieuw project met nieuwe turbines. De vergunningen zijn verlengd.

Er gaan altijd zeer uitgebreide studies over de impact op omgeving en natuur vooraf. We bundelende heel veel informatie hierover in ons winddossier.

Het ziet ernaar uit dat de wetgever wil dat burgerparticipatie voorzien wordt bij de nieuwe offshore projecten. Ecopower en de andere REScoops onderzoeken alvast om daar mee in te investeren.

We hebben erover gelezen. De turbines worden steeds groter. Het is maar de vraag of die houten turbines dat kunnen volgen. Als er een concreet aan te kopen product bestaat, zullen we dat zeker evalueren.

Het hout zal wellicht met veel lijm aan elkaar gezet worden. Dat zal voor pellets niet bruikbaar zijn.

De reden dat wij daar momenteel niet in investeren is financieel. Vooral in heel windrijke gebieden zijn er mogelijkheden. Als er meer massaproductie komt van verticale-as turbines, komen er misschien mogelijkheden.

De gemeente moet een nieuwe beslissing nemen in dit project, er was iets mis met de gunning. Er is zeker nog de kans dat het project doorgaat.


Windturbine Huysmanhoeve

Dat hangt ervan af wat Volterra nog doet. Voor het gedeelte van de windturbine zal dat wel zo zijn. Er zal ook een overeenkomst gemaakt worden om coöperanten van Volterra de mogelijkheid te geven om elektriciteit van de windturbine af te nemen via Ecopower.

Toen het contract werd afgesloten, was er geen vuiltje aan de lucht. Het is een Duitse fabrikant, bijna alle ontwikkelaars in Vlaanderen waren er mee in zee gegaan. Het probleem is ontstaan door een cashprobleem omwille van grote projecten die vertraagd waren.

De onderhoudsafdeling, inclusief de onderhoudscontracten, is overgenomen door Siemens. Het onderhoud blijft dus gegarandeerd.


Digitale meter - batterijen/opslag 

De uitrol van digitale meters door de netbeheerder is volop aan de gang. Voor klanten zonder zonnepanelen geeft dat geen enkele verandering. Klanten kunnen kiezen voor enkelvoudig tarief, of voor tweevoudig tarief. Voor mensen met zonnepanelen zijn er grote veranderingen. Veelgestelde vragen rond de digitale meter en zonnepanelen, leest u in ons informatiedossier zonnepanelen. Later komen er nog andere mogelijkheden, zoals een dynamisch tarief.

Vanaf 2021 zullen er nieuw prijssystemen mogelijk zijn. Zo kan er een prijs komen die de uurprijs van de markt volgt. Ecopower onderzoekt of dit nuttig kan zijn voor de klanten, en of dit een maatschappelijke meerwaarde kan hebben. Bijvoorbeeld om het mee kan helpen aan het evenwicht van het net. Voor het aanbieden van flexibiliteit is er voorlopig nog geen economisch model.

Ecopower volgt mee een onderzoeksproject op van EnergieID, de ‘Hybrinator’.

We volgen dit op en nemen deel aan een aantal Europese projecten rond batterijen, slimme meters en flexibiliteit. Op dit moment is er geen bedrijfscase voor. Daarvoor zijn de marktprijzen van elektriciteit onvoldoende hoog en is de vergoeding voor flexibiliteit te laag. Alleen als een groter batterijsysteem in een bedrijfsomgeving ook nut heeft als noodgenerator en voor de verbetering van de netkwaliteit, kan het een rendabel model worden.

Er kan wel verwacht worden dat de kostprijs van batterijen omlaag gaat. Vanaf 2021 kan je voor nieuwe zonnepanelen niet meer werken met de terugdraaiende meter. Dan kunnen batterijen een oplossing zijn om het directe verbruik te verhogen en daarmee de rendabiliteit van de installatie.

Om het maatschappelijk ook nuttig te maken is het stuursysteem van de batterijen het best verbonden met een centraal signaal (bv. de marktprijs). Standaard zijn batterijen al vol nog voor de piek eraan komt en leeg voor de hoogste consumptie op het net er is.

Ook andere vormen van energieopslag volgen we - vanop een afstand. Hoe dichter die technologie staat bij de eindconsument, hoe interessanter voor ons om te volgen. Power to gas bijvoorbeeld. Dat is vandaag duur. Het heeft wel de mogelijkheid om opslag over langere termijn te voorzien.

Deze ontwikkeling betekent niet dat er meer inkomsten voor Ecopower zijn. Waar vroeger injectie en verbruik verrekend werden inclusief btw via de terugdraaiende meter, mag dit nu niet meer. De federale overheid zal dus via de btw veel meer inkomsten hebben. In beperkte mate zullen een aantal (net)kosten over meer kWh-verbruik verdeeld kunnen worden. Daardoor doet iedereen die geen zonnepanelen heeft een klein voordeel.

Productie en verbruik op verschillende fasen is mogelijk. Een digitale meter registreert ofwel verbruik ofwel injectie, nooit beide tegelijk.


Zonnepanelen

Ja, zolang we rendabele projecten kunnen ontwikkelen. We maken altijd een grondige analyse of een project rendabel is, rekening houdend met de investering en de opbrengsten, waaronder voor een belangrijk deel het verbruik ter plaatse. Dit jaar investeren we al in meer dan 2 MWp. Er zijn een aantal openbare aanbestedingen geweest voor het plaatsen van zonnepanelen op openbare gebouwen. De belangrijkste zijn de aanbestedingen van het Vlaams Energiebedrijf (VEB) per provincie. Ecopower won die in Vlaams-Brabant, Antwerpen en Limburg. Dat deden we in samenwerking met andere hernieuwbare-energiecoöperaties. Daarmee kunnen op openbare gebouwen (gemeentelijke gebouwen, scholen, ziekenhuizen, …), zonder bijkomende aanbesteding, zonnepanelen geplaatst worden – als die instantie hier vragende partij voor is. Hier leest u meer. Daarnaast was er bijvoorbeeld ook een aanbesteding van de stad Leuven waarbij we op tien gebouwen grote installaties gaan leggen.

Ook in de stad Antwerpen is er een project waarbij er op een aantal gebouwen zonnepanelen komen. Dit zou moeten leiden tot een groter aantal investeringen in 2021.

Coöperanten kunnen hun gemeentebestuur vragen om zonnepanelen te plaatsen via de procedure van het VEB. 

Het afraden van een te grote installatie is om financiële redenen. Hoe meer de zonnestroom lokaal verbruikt wordt, hoe gunstiger het financiële plaatje.

Vanaf 2021 kan een particulier een vergoeding krijgen voor de extra elektriciteit die op het net gezet wordt, het stuk dat meer is dan zijn eigen verbruik. Dit zal echter een klein bedrag zijn dat niet opweegt tegenover een extra investering.

Het klopt dat er periodes geweest zijn waarin zonnepanelen voor Ecopower niet interessant waren. De prijs van zonnepanelen is ondertussen sterk gezakt en het investeringsklimaat was lang onstabiel omdat de overheid de regels veranderde. Of zonnepanelen interessant zijn, hangt immers af van de wettelijke omstandigheden van het ogenblik. De kennis voor het opzetten van de projecten is in elk geval in huis. Dankzij de aanbesteding bij het Vlaams Energiebedrijf worden extra procedures vermeden.

We zijn wel enthousiast over die technologie, maar zien geen model waarbij Ecopower als coöperatie daarin kan investeren. De technologie en de prijs voor zonnepanelen die elektriciteit opwekken is veel sterker geëvolueerd dan die voor zonneboilers. Het is hoogtechnologischer dan het lijkt.

Het is aan de overheid en de distributienetbeheerder om daarvoor mogelijkheden te creëren. Op termijn zijn mogelijk ook andere technieken, op basis van dunne film, een optie voor deze huizen. Ze veranderen niets aan het uiterlijk van het huis.

Die verhouding verandert steeds omdat mensen zonnepanelen plaatsen en er nieuwe klanten bij komen. Ongeveer de helft van de klanten van Ecopower heeft zonnepanelen. Bijna 20% zit dicht bij een netto-nulverbruik per jaar.

Dat kan niet. Het ziet er ook niet naar uit dat het zal kunnen. Als er daarvoor mogelijkheden komen zal dat in eerste fase voor bewoners onder hetzelfde dak zijn (bv. bij een nieuw appartementsgebouw).

Nee. We hebben de kennis in huis, maar die dient voor de controle en het onderhoud van installaties. Nieuwe investeringen en groter onderhoud worden uitbesteed op basis van prijsvergelijking van offertes.

Onze houding tot op heden is dat we geen landbouwgrond gebruiken voor zonnepanelen. Financieel is dat ook niet evident omdat de parken dikwijls niet bij de verbruiker maar eerder afgelegen liggen. Bovendien is er meer onderhoud nodig (gras maaien).

De investering in 1 MWp is niet op één locatie. Er wordt telkens per project beoordeeld of het rendabel is. Zeker 50% van de productie wordt lokaal verbruik, wat nodig is voor een rendabel project. Ook voor zonnepanelen bij mensen thuis is een hoog zelfverbruik nodig om het rendabel te maken.

Bij appartementsgebouwen blijft het meest interessante dat de panelen verdeeld worden over de meters van verschillende appartementen. Er komt mogelijk een systeem om via de leveranciers een administratieve opdeling te doen van panelen op een appartementsgebouw, maar daar komt geen voordeel uit zoals bij opdeling over verschillende meters. Om daarvoor mogelijkheden te ontwikkelen, zou er een aanpassing van de wetgeving nodig zijn.

Samen met PajoPower diende Ecopower in voor een aanbesteding bij verschillende gemeenten in Vlaams Brabant. Daarbij zijn de daken verdeeld. Het project in Ternat is voor Pajopower. Ecopower investeert onder ander in Zemst en Tervuren.

Commercieel zijn die niet beschikbaar. Vermits er straks heel wat lokaal onevenwicht kan zijn door hoge productie met zonnepanelen en hoog verbruik met warmtepompen en elektrische wagens, is een lokale opslag geen fout idee. Of waterstof op kleine schaal de oplossing wordt is nog niet zeker.


Warmtenetten

Ecopower wil in 2020 starten met de investering in twee warmtenetten. Het is een eerste stap. We kunnen daar uit leren en de bedoeling is dat er vervolg op komt. Uiteraard moeten de investeringen rendabel zijn en maatschappelijk nuttig. Zowel het project in Eeklo als dat in Mortsel maakt gebruik van restwarmte die anders in de omgeving terecht komt. Ecopower werkt aan drie projecten met een warmtenet. Het project in Mortsel wordt nog verder ontwikkeld. Daarnaast zijn er nog veel mogelijkheden. We zullen moeten kiezen waar we onze tijd in kunnen steken.

Wij volgen geboeid wat het Vito doet met geothermie: ze willen daar aardwarmte nuttig gebruiken en er elektriciteit mee maken. Zoals verwacht loopt dat niet van een leien dakje. Er zijn al aardbevingen geweest, een vergeefse boring naar warm water kost al snel miljoenen euro’s. Er is al een terloops contact geweest over investeren, maar Vito is eerst zijn project aan het uitwerken.

Projecten kunnen in een zone waarvan geweten is dat er water van meer dan 100°C te vinden is. Dat is in de zone van de Kempen naar Limburg. Vroeger is daar tevergeefs geboord naar aardolie, waardoor daar een kaart van bestaat.

Onze projecten met warmtenetten spelen in op de recuperatie van geloosde warmte. Er zijn een reeks mogelijkheden in Vlaanderen voor het gebruik van recuperatiewarmte. Dit moet onderzocht worden.

Agfa garandeert een warmtelevering en afname gedurende zeven jaar, dat is ook de tijd voor de terugbetaling van de hoofdinvestering in de buizen. Stel dat Agfa stopt na zeven jaar, zijn er andere technologieën om warmte te leveren en kan het warmtenet verder op een lagere capaciteit. Meer informatie hierover vindt u op www.warmteverzilverd.be.


Waterkracht

We hebben drie kleine waterkrachtcentrales. Er zijn geen nieuwe projecten op komst. Het potentieel van waterkracht is niet zo groot in Vlaanderen: meestal zo’n 5 tot 10 kW. Voor waterkracht zijn er standaard ook geen groenestroomcertificaten (meer). Alleen als de elektriciteit maximaal ter plaatse wordt gebruikt, kan het rendabel zijn. We zien dus weinig mogelijkheden maar blijven geïnteresseerd.

Vroeger hebben we ooit een project uitgewerkt voor een getijdenturbine op de Schelde. Dat leek toen maar nipt financieel rendabel. Het is er uiteindelijk niet van gekomen en misschien maar gelukkig ook want dit is geen evidentie door technische moeilijkheden en door het wisselende waterpeil van voor- en achterwater ben je beperkt in tijd. Het water van de Schelde is bovendien geen flessenwater. Er zitten wieren en ander materie in en er is veel slib.


Toekomst

In 2020 is het bestuursorgaan met een strategische oefening gestart, om onze doelen verder te verfijnen en af te lijnen in een snel evoluerende maatschappij. Bevragingen en beslissingen van de Energiecafés zijn een van de bronelementen voor deze oefening. 

We laten ons hiervoor begeleiden door Febecoop. Het is nog niet bepaald hoe het precies zal lopen. Coöperanten worden zeker betrokken, net zoals het personeel en andere ‘stakeholders’.

De resultaten van de strategische oefening zullen hun beslag pas krijgen na 2020, op een termijn van vijf, tien, vijftien jaar in de toekomst. Er zullen keuzes gemaakt worden, maar ook nieuwe werkterreinen kunnen open gaan. Doelen zullen geconcretiseerd worden en meetbaar gemaakt voor evaluatie.

Het is een interessante piste omdat het model dat wij idealiter willen gebruiken heel geschikt is voor lokale besturen. Dit gebeurt eerder gefaseerd. Omdat we ook voldoende tijd moeten hebben om de contacten op te volgen.

Soms loopt het ook mis met zorgvuldig uitgebouwde contacten, bijvoorbeeld als de gemeenteraadsverkiezingen voor een andere coalitie zorgen, die niet verder gaat op het ingeslagen pad. Dan is er veel tijd verloren gegaan.

We moeten ook voorzichtig zijn met voorbereidende contacten, want als er dan op een bepaald moment een publieke procedure wordt gestart, moeten we ook nog kunnen deelnemen.

Met de algemene vergadering van 2021 staat er een statutenwijziging op de agenda. In het voorstel dat voorligt is voorzien dat de datum later zal vallen (laatste zaterdag van april).

We rijden al een hele tijd met de handrem op: er is steeds een behoorlijke jaarlijkse groei zonder dat daar reclame voor hoeft gemaakt te worden. Als we sterk inzetten op reclame, is er kans dat we te veel kapitaal binnenkrijgen en niet kunnen volgen met de investeringen.

Uiteraard hopen we op basis van veel projecten toch de kans te krijgen om eens een stevige campagne op te zetten.

We zijn overigens één van de grootste hernieuwbare-energiecoöperaties in Europa terwijl we nooit reclame gemaakt hebben.

Inhoudelijk dragen we dikwijls zelf de boodschap niet uit, maar steunen wel koepelorganisaties zoals REScoop.eu, REScoop.Vlaanderen en Coopkracht.

Voorlopig is de keuze om daar geen investeringen in te doen. We zien wel dat coöperanten geïnteresseerd zijn in deelmobiliteit.

Er zijn contacten geweest over het leveren aan laadpalen op plaatsen die publiek toegankelijk zijn, maar omdat we tot op heden beperkt zijn in de hoeveelheid elektriciteit die we beschikbaar hebben, is daar niet vol op ingezet. De focus ligt op investeren in hernieuwbare energie.

Ecopower heeft een aantal stappen gezet op de weg van energiebesparing, zoals het eco-traject. Het is moeilijk om daar een model van te maken dat commercieel werkt. In dit concept zorgde Ecopower niet voor de financiering, wel voor het faciliteren.

Uit andere projecten leren we dat een rollend fonds voor specifieke doelgroepen een oplossing zou zijn. Ecopower heeft de middelen om een dergelijk rollend fonds op te zetten. Tegelijk willen we geen al te grote risico’s nemen of bijzonder arbeidsintensieve langetermijnengagementen nemen. Het zou een overweging kunnen zijn in de strategische oefening.

Ecopower is betrokken in het project RHEDcoop. Hierin wordt gewerkt aan energiebesparing. Mogelijk komen hier modellen uit komen die uitgerold kunnen worden. Net zoals uit het onderzoeksproject Hybrinator.

De Hybrinator is een onderzoeksproject waarbij er een aantal test-installaties zijn uitgevoerd en een enquête is uitgestuurd.

Het doel van de ‘Hybrinator’ is zonnestroom beter gebruiken en het fossiele verbruik van gas (fossiele brandstof) verlagen. Het concept bestaat uit een kleine, goedkope warmtepomp, geplaatst naast de bestaande installatie (bv. gasverwarming). Dit is ideaal in combinatie met zonnepanelen.

De enquête bij de coöperanten bevraagt de mogelijkheden en of mensen bereid zijn te investeren. Het resultaat valt nog af te wachten maar wordt zeker gecommuniceerd.

Het project is bijna gedaan. We wachten op het rapport en communiceren hier dan over.

We willen dat graag. Tegelijk willen we geen te grote risico’s nemen, die het bedrijf in gevaar kunnen brengen. Dat beperkt de groei weer.

Op zich passen gascentrales in de transitie van fossiele energie naar hernieuwbare-energiebronnen. Ze kunnen dynamisch de tekorten opvangen. Het is niet gunstig dat een quasi-monopolist in productie net de partij is die een bijkomende grote centrale gaat bouwen. Daarmee blijft die partij de markt domineren.

Een spreiding over de provincies is niet de eerste insteek van Ecopower. Overal waar er een mooi en rendabel project mogelijk is, willen we dat doen. In de praktijk hebben we projecten in elke Vlaamse provincie.

Er lopen experimentele projecten in de Kempen en in het buitenland. Financieel is dit niet de gemakkelijkste technologie. Maar we houden het wel op onze radar. Het is belangrijk dat er stockagemogelijkheden komen.


Klanten - coöperanten

Er zijn 50.000 aansluitingen en dus iets minder klanten, want sommige mensen hebben meerdere aansluitingen. Anderzijds wonen er soms meerdere coöperanten op het adres van een aansluiting. Er zijn meer dan 60.000 coöperanten.

Er is op dit moment geen doelstelling voor een bepaald aantal klanten of coöperanten. De instroom van kapitaal en coöperanten komt vandaag aan een tempo dat zorgt voor een constante investeringsdrive. Tegelijk hebben we net genoeg elektriciteit om te leveren.

Nee. Er is al jaren geen wachttijd meer voor nieuwe klanten. In 2010 werd 80% van de geleverde elektriciteit aangekocht – van interessante projecten. De wachttijd diende om eigen productie meer in evenwicht te krijgen met de afname. Na een hele reeks investeringen is deze wachttijd afgeschaft. Dit heeft heel kort een effect gehad op de instroom van klanten, daarna is het tempo van instroom min of meer gelijk gebleven.

We willen heel graag zo veel projecten dat we een publieke oproep naar kapitaal kunnen lanceren. Tot nu hebben we dat niet gedaan. Als we bijvoorbeeld voor een nieuw project een oproep zouden doen, wordt dat wellicht vlug volgestort, maar de jaren erna kunnen we dan geen geld meer ophalen. Het beleid tot op heden is om de instroom te laten openstaan. Zo geven we zo veel mogelijk mensen de kans om mee in te stappen.

Hoe we de coöperanten betrekken, daar blijven we aan werken. De energiecafés zijn er om meer over de inhoud te kunnen spreken. Er is ook een experiment met een coöperantengroep, om samen te investeren in zonnepanelen. Doordat ze onder de vleugels van Ecopower vallen, moeten ze geen aparte coöperatie oprichten waardoor veel administratie wegvalt. Als we hier een model van kunnen maken, bekijken we of we dit ook elders kunnen uitrollen.

De ervaring met de infosessies naar aanleiding van de algemene vergadering van 2020 leert dat er nog andere mogelijkheden zijn om de coöperanten te betrekken.

Dat is de richting waarin Europa uit wil met Citizen Energy Communities en Renewable Energy Communities. Die kunnen verschillende vormen aannemen. De coöperatie past daar helemaal in en is ook de meest concreet werkende vorm.

Door samen te investeren in zonnepanelen en de winst uit te keren in de vorm van dividend en bovendien door de elektriciteit ook te leveren waar de coöperant woont, zorgen we voor de meest concrete vorm van zonnedelen.

We onderzoeken hoe we coöperanten kunnen laten samenwerken in kleine groepen. Bijvoorbeeld op Antwerpen-Zuid zal een groep samen investeren in zonnepanelen op daken van (appartements)gebouwen. Het voordeel hierbij is dat ze onder de structuur van Ecopower vallen en dus zelf geen organisatie moeten opstarten.

Nee, dat zal waarschijnlijk niet gebeuren. In dat geval zullen mensen die het kunnen betalen distributiekosten uitsparen en mensen die het niet kunnen betalen zullen meer distributiekosten aangerekend krijgen. Dat is moeilijk verkoopbaar.

Misschien komen er wel mogelijkheden als daarmee ook de kost van het distributienet kan verlaagd worden.

De essentie van Ecopower is net dat er coöperanten kunnen bijkomen. We willen zoveel mogelijk mensen de kans geven om mee te investeren in hernieuwbare energie.

Tot op heden is het steeds mogelijk om inbreng te hebben in Ecopower (tot maximaal 20 aandelen). De instroom gebeurt op een natuurlijke wijze. Indien nodig is het mogelijk om een projectgebonden oproep te doen.


Personeel

Ecopower heeft eind 2020 46 personeelsleden. Gemiddeld over het jaar zijn dat 42,3 voltijdsequivalenten. Dat zijn 24,5 voltijdsequivalenten mannen – waaronder de 7 arbeiders in de fabriek – en 17,8 voltijdsequivalenten vrouwen. Er zijn geen werknemers die onder een zelfstandigenstatuut werken.

Er is een nieuwe vacature voor een servicetechnicus voor zonnepanelen. Het was eerst de bedoeling om dit werk uit te besteden maar de wachttijd voor een interventie is dan te lang. Vaak moeten collega’s van de dienst exploitatie hier hun tijd in steken, terwijl hun werk dan blijft liggen.

De vacature voor exploitatieverantwoordelijke is een vervanging.

Ja. De groepsverzekering betaalt het bedrijf volledig en voor iedereen, arbeiders en bedienden.

Ecopower zou daar het liefst geen onderscheid in maken. Werknemers die het werk doen van een arbeider moeten echter in het statuut arbeider aangeworven worden. Als dat niet zo is kan dat aanleiding geven tot juridische problemen later. We proberen de stelsels wel zo dicht mogelijk bij elkaar te houden. Zo geven we iedereen een dertiende maand en passen op alle lonen de indexering van het paritair comité van de bedienden toe.


Elektriciteitslevering

Het capaciteitstarief zal in de loop van 2022 ingevoerd worden. Als het ingevoerd wordt, zal Ecopower zijn prijssysteem hieraan aanpassen.

Met dit systeem zou (ongeveer de helft) van de distributiekost aangerekend worden als een vaste kost. Dat zou gebaseerd kunnen zijn op het maximale piekverbruik. Dat is het gemiddelde van de maandpieken van de afgelopen 12 maanden. Het systeem wordt ingevoerd om de distributienetbeheerders in een veranderend energielandschap stabiliteit te geven in hun inkomsten. Het speelt ook in op grotere verbruiken van bijvoorbeeld elektrische wagens. Een bedoeling is dat met het capaciteitstarief op termijn de kosten van de distributienetbeheerders omlaag kunnen. 

De elektriciteit die over is, wordt verkocht aan de markt. Dat is aan dezelfde prijs als aan de coöperanten. Dat heeft dus geen effect. Ook als er een tekort is heeft dat geen effect, omdat we aan die prijs ook kopen van bevriende coöperaties of van andere interessante projecten.

In 2021 nemen we een nieuw IT-systeem in gebruik voor de levering van elektriciteit. Het wordt dan ook mogelijk om te leveren aan bedrijven. Er is nog niet beslist om dat te doen en als we dat doen, wat de randvoorwaarden zijn.

In 2021 is onze prijs gezakt. Onze prijs wordt voor een jaar vastgelegd, volgens de marktprijs. Het is niet de bedoeling dat we daar bovenop winst maken. Het is wel kostendekkend.

In 2020 ging de variabele marktprijs omlaag – Ecopower had dan ook een eerder hogere prijs (gebaseerd op de vastgelegde prijs in 2019). Voor 2021 verlaagden we onze prijs – gebaseerd op die lagere marktprijs. Ondertussen stijgt de variabele marktprijs en heeft Ecopower een gunstige prijs tegenover leveranciers met een variabele prijs. Onze klanten blijven grotendeels stabiel. Gemiddeld over vele jaren hebben we een gunstige prijs. Onze methodiek lijkt een goede keuze te zijn.

Het kan wel zijn dat die aangevuld wordt met een formule van een dynamisch tarief.

Het prosumententarief is een deel van de netvergoeding en is door alle leveranciers op dezelfde manier aan te rekenen. Het is een forfaitair bedrag op basis van het vermogen van de omvormer. Het is de distributiekost van elektriciteit die met de terugdraaiende meter op het net is gezet en daarna er weer af gehaald. Wie het prosumententarief niet meer wil, kan overschakelen naar de terugleververgoeding met een digitale meter. In dat systeem wordt alle elektriciteit gemeten die op het net wordt gezet en alle elektriciteit die van het net wordt gehaald. Je betaalt dan de reële distributiekosten en niet het forfaitaire bedrag.

Het is omgekeerd: we mikken op de verkoop van elektriciteit in functie van de hoeveelheid injectie die we hebben. De handrem zit op het winnen van nieuwe klanten, niet op projecten.

We hebben maar een prijs en die is alleen voor coöperanten. Wie geen coöperant is, kan geen klant worden.

Vóór 2020 waren negatieve prijzen meestal de fout van leveranciers door een foute voorspelling, vaak bij bijvoorbeeld bij een wisseling naar zomer- of winteruur of op feestdagen. Of bij een fout in het informaticasysteem. Ondertussen zien we meer en meer dat er negatieve prijzen komen omdat er veel productie is van hernieuwbare energie en tegelijk de kerncentrales niet minder kunnen produceren. Dit heeft ook een impact op Ecopower, al is dit voorlopig beperkt.

Enkel de elektriciteit met de installaties vanuit de investeringen van het kapitaal zijn hier meegerekend. Wat u bij u thuis hebt geïnvesteerd, telt hier niet in mee. Ook kleine installaties met zonnepanelen (kleiner dan 10 kWp) zijn niet meegeteld en ook het lokale verbruik bij onze installaties is niet meegerekend. Dat zal steeds belangrijker worden en wordt dus best ook meegerekend in de toekomst.

Er komen op dit moment geen distributiekosten bij; bij geen enkele leverancier. Als die worden ingevoerd door de distributienetbeheerder, zullen we die kosten ook moeten doorrekenen. Voorlopig gaan we ervan uit dat dit niet gebeurt, zeker niet in 2021 en 2022.

We leggen een prijs vast die gerelateerd is aan de marktprijs. Het is een prijs waaraan we als producent kunnen verkopen aan derden en een prijs die we zouden nemen als leverancier als we van derden kopen.

Ook van belang is natuurlijk dat alle klanten coöperant zijn. De hogere stroomprijs die een hoger dividend oplevert is dus een broekzak-vestzakoperatie.


Andere

De wetgeving voorziet de mogelijkheid tot digitaal stemmen voor zover de statuten dit vermelden.
Artikel 6:75 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen bepaalt dat de statuten « de aandeelhouders de mogelijkheid kunnen bieden om op afstand deel te nemen aan de algemene vergadering door middel van een door de vennootschap ter beschikking gesteld elektronisch communicatiemiddel ».

Hoewel de statuten van Ecopower dit nog niet voorzien, is het momenteel de meest pragmatische en werkbare keuze om de aandeelhoudersvergadering toch te laten doorgaan op de statutair bepaalde datum. De gezondheidscrisis veroorzaakt door het COVID-19 virus en het daaruit voortvloeiende overheidsverbod op bijeenkomsten is zonder enige twijfel een geval van overmacht dat het fysiek houden van een algemene vergadering verhindert en zelf expliciet verbiedt, inclusief zware sancties.

Het alternatief om de aandeelhoudersvergadering uit te stellen naar een latere datum, leidt tot gelijkaardige onregelmatigheden inzake statuten en regelgeving. We zouden dan de statutair bepaalde datum niet respecteren en daarbij nog steeds geen zekerheid hebben dat we voor het einde van de maand juni (i.e. de deadline voor het goedkeuren en neerleggen van de jaarrekening) alsnog de vergadering mogen/kunnen houden. Ook hier zouden we ons dan moeten beroepen op overmacht wegens het niet naleven van de statutaire en reglementaire voorschriften (het nieuwe wetboek vennootschappen en verenigingen).

Gezien de huidige uitzonderlijke maatschappelijke omstandigheden en in de wetenschap dat het bestuursorgaan bij de digitale aandeelhoudersvergadering, de aandeelhouders de mogelijkheid biedt om deel te nemen aan de debatten, hun stem digitaal uit te brengen, een volmacht te geven of rechtstreeks deel te nemen aan de vergadering, zij het via elektronische weg, is dit volgens ons de juiste aanpak. We gaan er ook van uit dat de aandeelhouders van Ecopower begrip hebben voor de uitzonderlijke maatregelen die we in deze zeer unieke omstandigheden nemen.

De federale regering heeft onlangs een meer soepele regeling voor de jaarlijkse aandeelhoudersvergaderingen uitgewerkt. Deze laat toe de vergadering uit te stellen of ze te laten doorgaan, maar in omstandigheden die enerzijds verzoenbaar zijn met de maatregelen genomen naar aanleiding van de COVID-19 crisis, en anderzijds toch aan de aandeelhouders en de leden toe te laten hun stemrecht uit te oefenen en hen de kans geven vragen te stellen. Het is dus wettelijk een digitale algemene vergadering te organiseren zonder dat de statuten dit vermelden.

Er is een profiel uitgeschreven voor de controlerende vennoten. Om de drie jaar is er een verkiezing op de algemene vergadering. Ze stellen zich op voorhand kandidaat. Ze worden door de algemene vergadering aangesteld om tussen de algemene vergaderingen in de werking van Ecopower nauwer te volgen en de vragen te stellen waar er op de algemene vergadering te weinig tijd voor is.

Er is geen vaste regel: niet wettelijk en niet in de statuten. Het is een keuze van de algemene vergadering van 2017 om maximaal vijf controlerende vennoten te verkiezen. We houden dat aan. Meer controlerende vennoten is niet goed werkbaar. Minder kan als er onvoldoende kandidaten zijn die een meerderheid van de stemmen halen.

Voor elektriciteit wordt elke geproduceerde kWh vergeleken met de best beschikbare fossiele productie. Dat is een STEG (gas-)centrale met een uitstoot van 400 gram CO2 per kWh. Op basis van internationaal aanvaarde berekeningen heeft windenergie een uitstoot van 11 gram CO2 per kWh. Voor zonnepanelen is dat 45 gram CO2 per kWh. Voor waterkracht is dat 24 gram CO2 per kWh.

Voor warmte uit houtpellets wordt vergeleken met een niet al te slechte installatie op stookolie. Die heeft een uitstoot van 305 gram per kWh. De uitstoot van houtpellets hangt af van de nabijheid van het hout en het volledige proces van de aanmaak en transport. Hiervoor is een externe audit gebeurd. Die is verplicht voor de certificering. Het resultaat is 22,5 gram CO2 per kWh.

De vermeden CO2 door hernieuwbare elektriciteit is zo 41.190 ton. De vermeden CO2 door pellets en briketten is 24.178 ton.

De afgelopen 20 jaar is Ecopower sterk gegroeid. We werken al meer dan 15 jaar met dezelfde software. Op dit moment is er een gebrek aan integratie. Er zijn ook heel wat mogelijkheden die ontbreken. De nieuwe software biedt hiervoor een oplossing. Hiermee gaan we ook klaar zijn voor de verdere ontwikkeling van Ecopower.

We willen zeker een feestje organiseren om iedereen binnenkort in levende lijve te ontmoeten!

Ecopower is betrokken in een aantal projecten waarin flexibiliteit – het dynamisch afstemmen van verbruik en productie – onderzocht wordt. Mogelijk komt daar een nieuw model uit dat we praktisch kunnen toepassen.

De verandering van IT-systeem is uiteraard een grote verandering. De meeste aanpassingen zijn niet zichtbaar voor de klant. Voor de elektriciteitslevering wordt de factuur helemaal anders opgebouwd. Waar we vroeger van één prijs per kWh vertrokken en die werd waar nodig opgedeeld, gaan we nu vertrekken van de onderdelen, die worden samengeteld. Dat geeft een verschil in resultaat (centen verschil). De aanpassingen daarvoor zijn gebeurd en de achterstand wordt zo snel mogelijk ingehaald.

Het waterstofvraagstuk volgen we op. Het is geen systeem dat gegarandeerd rendement geeft, het is eerder een soort tussensysteem.

Op dit moment zit er geen businessmodel in om dat rond te krijgen maar dat wilt niet zeggen dat dit nooit gaat zijn. We houden dit dus zeker in de gaten houden om eventueel op het juiste moment in te zetten.

Dit is een digitaal certificaat. Ecopower heeft vooral Vlaamse certificaten en beperkt ook Waalse. Ze worden door de regulator van het gewest beheerd en staan daar in een databank.

Misschien zou dit ook met blockchain kunnen, maar eerst moet het potentiële voordeel hiervan bestudeerd worden.

De energietransitie is een complex verhaal. Volgens verschillende studies is ze haalbaar en betaalbaar. Dit betekent wel dat er gigantische investeringen in hernieuwbare energie moeten bijkomen. Daar werkt Ecopower aan mee. In onze visie – en dat staat niet in die studies – moet er ook blijvend gewerkt worden aan energiebesparing. Dat geldt voor elektriciteits- en warmteverbruik, maar ook voor de mobiliteit.

Het capaciteitstarief is een manier om om te gaan met de stijgende vermogens bij particulieren. Bijvoorbeeld door elektrische wagens. Met sturing kan er een deel worden opgevangen. Via het capaciteitstarief kunnen de pieken op het net onder controle gehouden worden.

Nee, niet op die manier. Bij gascentrales is er een reservecapaciteit waar een minimumrendement aan wordt gegeven. Bij nieuwe windturbines is er via de banding factor op groenestroomcertificaten ook een soort vastgesteld rendement. Als de marktprijs van elektriciteit stijgt, daalt de banding factor.


Statuten

De regeling zal voor iedereen toegepast worden vanaf dat de nieuwe statuten goedgekeurd worden. We werken een overgangsregeling uit, zodat niemand nadeel zal hebben. Wie gevraagd heeft om uit te treden over meer dan een jaar, zal waar nodig bevraagd worden of dit beter sneller gebeurt.

Voor de aankomende vergadering op 10 april is er 50% van de aandelen – dus het kapitaal/ de inbreng - die aanwezig moet zijn. Die kans is heel klein dat we het quorum halen, daarom is een tweede vergadering voorzien, waarbij er geen quorumvereiste is.

In de nieuwe statuten is het voorstel dat er 10% van de aandeelhouders mee moet stemmen voor een statutenwijziging. Dat lijkt een verlaging, maar bij die 50% weten we bijna zeker dat we het niet halen, waardoor het ook niet geprobeerd wordt en zoals nu meteen een tweede vergadering wordt voorzien, zonder quorumvereiste. Door 10% van de coöperanten én door schriftelijk stemmen toe te laten, is dit haalbaar met een grote campagne. Dat komt tegemoet aan het doel om een statutenwijziging niet ongemerkt voorbij te laten gaan. Het democratisch gehalte stijgt daarmee.

10% van de coöperanten die meestemt lijkt haalbaar omdat we ook dit soort respons krijgen op een enquête.

Voor de stemming zelf veranderen de statuten niet: er is een vier vijfde meerderheid nodig voor het doel en een drie vierde meerderheid voor de rest van de statutenwijziging. Sowieso is dat een hoge drempel om te stemmen en die blijft behouden.

Mochten de statuten een nieuwe richting geven aan de coöperatie, dan zou dit zeker een ander proces moeten volgen. Omdat we niets veranderen aan de fundamenten van de coöperatie en enkel aanpassen aan de wetgeving en aan de praktische processen die we volgen, leek het niet nodig. Wie wel een fundamenteel probleem ziet, kan daarvoor uiteraard tegen stemmen. Als dat ernstig is, zal dit leiden tot een niet-goedkeuring.

Dan blijven de ouden statuten gelden. Ze moeten wel sowieso – in de komende jaren – aangepast worden aan de wetgeving.

Hoewel iets ruimer geformuleerd, is er op dit punt geen verandering van de statuten. Dit is conform de nieuwe vennootschapswetgeving.

Het gebeurt en kan doorheen het jaar dat coöperanten zaken inbrengen via verschillende wegen.

Vragen aan het bestuur en/of de commissaris worden beantwoord. Als vennoot heb je recht je te informeren.

Een algemene vergadering kan enkel beslissen over de punten op de agenda. De bevoegdheid van de av is in eerste instantie de goedkeuring van de jaarrekening, de goedkeuring van de resultaten en kwijting van het bestuursorgaan.

Het is niet logisch dat vragen ook ter stemming komen op een algemene vergadering. De algemene vergadering geeft veel bevoegdheid door aan het bestuursorgaan. Zij nemen dagelijkse beslissingen en zetten de lijn uit. Als de bestuursleden het niet goed doen, kan de algemene vergadering het bestuursorgaan in het ultieme geval afzetten.

Controlerende coöperanten hebben niet meer rechten dan andere coöperanten Ze zijn meer georganiseerd en ze zijn ook aangesteld door de algemene vergadering. Ze krijgen op de av een forum om hun meningen en bevindingen te uiten.

Het klopt dat een quorum van 10% van het kapitaal voor een bijzondere algemene vergadering moeilijk te halen is. Vooral omdat coöperanten elkaar niet kennen. Gelukkig is er elk jaar een algemene vergadering waar iedereen terecht kan. Vragen aan het bestuur moeten in elk geval een antwoord krijgen. Ontevredenheid kan geuit worden. De algemene vergadering kan de stemmingen over het jaarverslag en de kwijting van het bestuur niet goedkeuren en is bevoegd om een bestuurslid te ontslaan en is ook bevoegd voor het aanstellen van bestuurders.

Nee, die periode begint niet opnieuw te tellen. Bestaande aandeelhouders mogen geen nadeel hebben.

Ja, er kan digitaal gestemd worden voor de algemene vergadering. Hierdoor kunnen we ook iets meer mensen bereiken.

Ja en dat is 250 euro. Het is intreden aan 250 euro en uittreden aan 250 euro. Stel dat er een overgedragen verlies is, dan staat in de statuten dat er minder wordt uitgekeerd. Iedereen neemt – in dit theoretische geval – een stukje van het verlies.

De datum voor uittreden wordt per aandeel bekeken. De oudste aandelen kunnen dus eerder uittreden dan recente.

Ja, die beperking is er gekomen om de snelheid van de instroom van het kapitaal te beperken. Het bestuursorgaan kan de drempel nog verlagen of, als er meer kapitaal gewenst is, verhogen.

De erkenning van de nationale raad voor de coöperatie die we nu al hebben, wordt ook ingeschreven in de statuten – zoals de nieuwe vennootschapswetgeving voorziet. Dat betekent dat we de coöperatieve principes volgen zoals democratie, autonomie … Deze staan uitgewerkt in de statuten en in het intern reglement. De erkenning houdt een aantal beperkingen in (bijvoorbeeld een maximaal dividend) en een aantal voordelen (bijvoorbeeld sommige belastingvoordelen).

Het is altijd de algemene vergadering die het bestuur aanstelt. Het is niet de bedoeling om een willekeurig bestuur te hebben. Daarom wordt er een samenstelling van een team voorzien volgens een aantal criteria. Maar de algemene vergadering moet dit niet volgen en kan dus nieuwe kandidaturen vragen.

In het intern regelement staan onder de rubriek bestuursorgaan eerst de criteria waarmee rekening wordt gehouden voor de samenstelling van een team voor het bestuursorgaan en daarna de procedure in vier stappen onder de noemer ‘verkiezing’.

Er moeten een reeks criteria onderzocht worden. Zo moet de coöperatie in staat blijven om alle schulden te voldoen in de komende 12 maanden. Dat kan met een aantal ratio’s en berekeningen gecontroleerd worden. Dit wordt ook aan de revisor overgemaakt.

De periode van 6 jaar had als bedoeling om stabiliteit te geven. In de nieuwe statuten is voldoende tijd voorzien om de terugbetaling te kunnen organiseren. Het bestuursorgaan kan na de liquiditeitstest altijd beoordelen dat het onverantwoord is om alles terug te betalen en op basis daarvan de terugbetaling opschorten. In normale omstandigheden zal dat nooit nodig zijn.

Bij overlijden is er een terugbetaling voorzien. De erfgenamen kunnen natuurlijk wel intreden als ze dat willen. Wie vooraf aandelen wilt overdragen, kan dat nu makkelijker.

Nee, voor Ecopower is dat geen logische keuze. Ons maatschappelijk engagement kan perfect binnen de erkende cv. Wij horen in de normale economie en zijn eerder een voorloper dan een uitzondering.

Het is niet ongebruikelijk en in overeenstemming met de praktijk. Dikwijls moet er voor bijvoorbeeld aanbestedingen snel gehandeld worden. Een tweede handtekening van een bestuurder die toch de details niet bekijkt, heeft geen meerwaarde. In elk geval mag niemand tekenen wat niet gedragen wordt door het bestuursorgaan.

Ecopower schakelt zich in voor en schaart zich bij de internationale beweging naar 100% hernieuwbare energie. Dit heeft niet alleen met het energiebeleid van België te maken.

In de statuten moet verplicht het doel en het voorwerp van de coöperatie opgenomen worden. Dit beschrijft best zo goed en zo ruim mogelijk waar de vennootschap aan wil en kan werken.

Er moet voor 50% kapitaal aanwezig zijn. Dat is voor bijna 29 miljoen euro coöperanten die aanwezig moeten zijn, dat zijn zeker 15.000 coöperanten.

Absoluut. Als een algemene vergadering vindt dat het niet nuttig is, worden er geen controlerende coöperanten aangesteld.

De mogelijkheid om te weigeren staat ook in de bestaande statuten en het is nog nooit gebeurd. Het wordt standaard voorzien. Hopelijk is het nooit nodig.